vlag-nederlands.png vlag-engels.png vlag-duits.png

Level Playing Field

De AVIH vindt het belangrijk dat haar ondernemers in een eerlijk handelsklimaat kunnen werken. Daarvoor bewaakt zij het Level Playing Field continu en waar er sprake van twijfel is, stelt zij dit aan de kaak. In dat kader zijn niet alleen eerlijke prijzen een voorwaarde, maar Algemene Voorwaarden helpen daar ook bij. De Algemene Verkoopvoorwaarden en de Algemene Aannemingsvoorwaarden zijn in samenwerking met boseigenaren ontwikkeld, zodat er een breed draagvlak voor is. 

Het gebruik maken van de Algemene Voorwaarden is niet verplicht, wel aan te raden. Niet alleen bij problemen kunt u als boseigenaar, aannemer of handelaar erop terug vallen, ook bieden de voorwaarden een goed fundament voor kwaliteitswerk.

De voorwaarden worden nu door SKBNL uitgegeven, Stichting Kwaliteit voor Bos-, Natuur- en Landschapswerk. 

Downloads:

 




Hout Meten

Klik hier om de PDF van het boekje "Richtlijnen voor het meten van inlands rondhout ten behoeve van de verkoop" te downloaden.

Bij de levering en verkoop van hout, de uitvoering van de bosexploitatie en het houttransport moeten koper en verkoper (hiermee worden ook aannemer, opdrachtgever en vervoerder bedoeld) het eens zijn over de toe te passen meetmethode. De koper kan besluiten de gehele partij ‘in de roes’ (één prijs voor de gehele partij, zonder eenheidsbepaling) te kopen, hij weet dan niet precies hoeveel m³ er in zit. Het is gebruikelijker dat men een duidelijke meetmethode hanteert om de totale hoeveelheid te kunnen verrekenen.

Welke meetmethode het meest geschikt is voor koper en verkoper hangt bijvoorbeeld af van de verhouding tussen houtopbrengst en meetkosten, de aard van het te leveren hout, de wijze van exploitatie en de terreinomstandigheden. De transactie dient te geschieden op basis van de werkelijke hoeveelheid hout, gemeten volgens een van tevoren overeengekomen vaste methode, tenzij door beide partijen de verkoop is overeengekomen op basis van een volumeraming (schatting) of in de roes. De hoeveelheid hout die is bepaald volgens de overeengekomen methode, is bindend voor de transactie. Ook als een tweede meting, bijvoorbeeld op basis van uitlossing, een andere uitkomst geeft. Het is essentieel dat koper (en verkoper) de mogelijkheid hebben om op dezelfde locatie met dezelfde meetmethode een controlemeting uit te voeren en dus de beschikking hebben over de meetgegevens.

Het hout kan op verschillende locaties worden gemeten: in het bos, aan de bosweg, op een vrachtauto en bij de rondhoutverwerkende industrie. Het meten kan op verschillende wijzen plaatsvinden: op stam, geveld langhout en gekort op de stapel. De gebruikelijke eenheden voor het bepalen van de inhoud zijn: m³, stères en tonnen. Meten van hout is niet gemakkelijk omdat de vorm van de stammen nooit hetzelfde is. Meten gebeurt dan ook met een zekere mate van subjectiviteit. Het verdient daarom aanbeveling conform de richtlijnen van het Bosschap te meten.

Hier enkele voorbeelden waaruit blijkt dat het hanteren van een uniforme meetmethode verstandig is.

  • De elektronische boomklem geeft weliswaar een heel nauwkeurige hoeveelheid aan, maar aan de klem is niet te zien hoe deze inhoud berekend is of welke tabellen zijn gebruikt.  Het lijkt nauwkeurig, maar dat hoeft helemaal niet zo te zijn.
  • (On)bewust past men regelmatig eigen interpretaties toe op de richtlijnen. Bij meting van hout op stam velt bijvoorbeeld vrijwel niemand voldoende  modelbomen of voert de berekening juist uit.
  • Regelmatig wordt de ene soort meting (bijvoorbeeld meting geveld langhout) vergeleken met een andere soort van meting (bijvoorbeeld uitlossing aan de fabriek). Vervolgens wordt met die vergelijking dan een uitspraak gedaan over de juistheid van één van de twee metingen. Maar met het vergelijken van twee soorten metingen die van verschillende gegevens en berekeningen uitgaan, kan niet worden gesteld dat één uitkomst goed is en de ander fout. Beide metingen zijn een benadering van de werkelijkheid. Verder is het aannemelijk dat ook niet dezelfde hoeveelheid hout wordt vergeleken (en gemeten). Als bijvoorbeeld een partij hout zowel op stam als aan de stapel wordt gemeten, dan is er altijd minder hout op de stapel dan op stam gemeten. Als het hout als langhout is gemeten, kan tijdens het transport schors verdwijnen. Er komt dus minder hout bij de fabriek aan en er wordt navenant minder hout bij de uitlossing gemeten.

Opgestelde richtlijnen voor het meten van hout stammen al uit 1960. Sinds die tijd is er een herziening geweest in 1985 en in 2002,waar de AVIH aan meegewerkt heeft. Steeds was het doel te komen tot een uniforme en controleerbare indeling en meting ten behoeve van de houtverkoop. Belanghebbenden beschikken dan over betrouwbare informatie. Immers, voor de vaststelling van de hoeveelheid hout is een uniforme meetmethode essentieel en voor het vaststellen van de hoedanigheid is een uniforme kwaliteitsindeling onmisbaar. De beschreven meetmethoden betreffen overigens alleen het meten van inlands rondhout, en niet het indelen ervan. De meetmethoden zijn door CEN geaccepteerd en opgenomen in de norm prEN 1309-2.

Indien verhandeld wordt volgens met de aanduiding “volgens de EG normen ingedeeld” dan zijn de richtlijnen verplicht . Maar wanneer deze aanduiding niet wordt gehanteerd is men vrij om te kiezen welke methode gehanteerd wordt. Het is wel slim om een afspraak te maken over  het bepalen van de hoeveelheid hout. Voor de Nederlandse praktijk verdient het aanbeveling om gebruik te maken van de uniforme meetmethoden die zijn beschreven in de Bosschapsrichtlijnen 2002. 

Houtprijzen

Regelmatig wordt er gevraagd naar actuele houtprijzen.  De Algemene Vereniging Inlands Hout verzamelt echter geen kosten en opbrengsteninformatie meer en kan deze informatie dus ook niet beschikbaar maken. Een en ander is een uitvloeisel van een besluit van de Nederlandse Mededingsautoriteit.

Wilt u een idee krijgen van oogstkosten cq opbrengstmogelijkheden van rondhout danwel kostprijs voor aankoop van gezaagd hout of (hei)palen dan kunt u zich het best richten tot onze leden. Zij zullen u graag van dienst zijn.

Voor de goede orde: in Nederland is er ook niet een andere, onafhankelijke instelling die dit soort informatie verzamelt of publiceert.

 

Hout als onderdeel van het Nederlandse bosbedrijf

Al 50 jaar is hout voor het bosbedrijf de belangrijkste inkomstenbron. Het is de meest zekere en betrouwbare en daarmee de beste bijdrage aan de duurzame instandhouding van het bosbedrijf. Hout is niet de enige. Overheidssubsidies zijn onmisbaar gebleken. Dat subsidies niet een zekere inkomstenbron zijn, is de afgelopen jaren gebleken. Hoe zeker zijn de andere inkomsten voor de bosbezitter? Is hout niet het enige echte product waarvan de bosbezitter hoeveelheid, kwaliteit, soort zélf kan sturen? Of hout alléén ooit genoeg zal opbrengen? Wie zal het zeggen: op dit moment al wordt Nederlands hout in containers naar China verscheept. Wat gebeurt er met hout en andere grondstoffen als meer dan 1 miljard mensen gaan deelnemen in de wereldeconomie? Wie weet hoe de wereldhoutvraag er over 50 jaar uitziet mag het zeggen.

Hoe belangrijk is hout voor de economie van de bosbezitter ?

Het Landbouw Economisch Instituut (LEI) volgt al vanaf 1975 met een representatieve steekproef onder particuliere bosbezitters met meer dan 50 ha. bos hoe het financiële reilen en zeilen functioneert. 

Dat is weinig rooskleurig: gelukkig zijn er subsidies èn een grote behoefte om het bos in de familie te houden. Hoe zouden de verliezen anders moeten worden genomen? Dat hout de allerbelangrijkste eigen inkomstenbron is van de bosbezitter blijkt ook.

bedrijfsresult_part_bosbedr75-11.jpg

Calculatiemodel

Omdat houtprijzen een interessant onderdeel van de handel is, helpt de AVIH u op weg om meer inzicht te krijgen in dit onderwerp.
Bij het calculeren van prijzen hebben veel factoren invloed. Het calculatiemodel geeft u inzicht hoe een houtprijs tot stand komt. Daarbij is het belangrijk om te weten in welke eenheid er over het hout wordt gesproken. Daarom is hout meten ook erg belangrijk. Onder het kopje hout meten vindt u meer over de begrippen en de rekenmethodes om rondhout te meten.

Dit calculatiemodel  van de AVIH werkt volgens het principe dat eerst een schatting wordt gemaakt van de opbrengstmogelijkheden van een partij langhout.

Vervolgens worden de kosten van exploitatie bepaald. Bij levering van hout op stam gaat het om kosten van vellen, snoeien, korten, uitrijden en aan de rolstapel zetten (de zogeheten sortimentenmethode) of vellen, snoeien, slepen, korten en stapelen (de langhoutmethode).
Bij levering van geveld langhout aan de bosweg gaat het om de kosten van korten.
Opbrengst af-bos minus de kosten van exploitatie levert een saldo op waarop nog algemene kosten in mindering moeten worden gebracht om de uiteindelijke waarde van hout op stam of geveld hout te kunnen bepalen.

Het gesprek over de verkoopwaarde tussen de verkopende boseigenaar en koper wordt vergemakkelijkt omdat de onderbouwing van de verkoopwaarde inzichtelijk is. De oogstmethode, het soort hout (houtsoort en aantal bomen per m³) en de exploitatieomstandigheden (ondergroei, sleep/uitrijafstand, sloten, heuvels, e.d.) beïnvloeden de oogstkosten sterk. Voor elke situatie moeten die apart worden begroot.

Downloads

Door ontgroening en vergrijzing neemt de beroepsbevolking in de sector bos en natuur af. Waar halen we in de toekomst onze medewerkers vandaan? Aan de andere kant wordt er gevraagd om langer door te werken. Als organisaties bestaansrecht willen houden, moeten ze tijdig reageren op de huidige ontwikkelingen binnen de arbeidsmarkt. Centrale vraag voor de werkgever hierbij is ‘hoe blijf ik als werkgever aantrekkelijk voor mijn huidige en toekomstige werknemers en welke uitstraling heeft mijn bedrijf of organisatie zodat mensen er willen werken’? Voor werknemers is de vraag hoe ik interessant blijf voor mijn huidige en toekomstige werkgever.Belangrijk is dat we ons realiseren dat we anders kunnen kijken naar hoe mensen hun bijdrage leveren aan het bedrijf of de organisatie en wellicht op basis hiervan op een andere manier inrichten.

Door met elkaar in gesprek te gaan kunnen wensen en mogelijkheden op het gebied van vitaliteit, organisatie en scholing en ontwikkeling verkend worden met elkaar en kunnen hierover duidelijke (individuele) afspraken worden gemaakt. Het is wenselijk dat met medewerkers wordt gekeken naar perspectieven in het bedrijf of de organisatie en dat deze in staat worden gesteld hun kwaliteiten zo optimaal mogelijk in te zetten en te ontwikkelen. Het is belangrijk dat werknemers en ook werkgevers zich blijvend kunnen ontwikkelen zodat ze mee kunnen en hun ervaring breed kunnen inzetten en zo duurzaam inzetbaar blijven. Er zijn in de sector bos en natuur goede mogelijkheden voor scholing en ontwikkeling.

Als u gebruik wilt maken van een onafhankelijk en kosteloos advies, neem dan contact op met Annika van Dijk, VBNE, 0343-745257/ a.vandijk@vbne.nl.

Heeft u interesse in het volgen van een cursus, klik dan op de volgende link: flyer-training-houd-medewerkers-inzetbaar.pdf

 

Terug naar dossiers