Certificering & erkenning: duurzaam bosbeheer

Verhitte discussies over tropisch hout liggen aan de basis van wereldwijde initiatieven om te zorgen dat bosbeheer verbetert.
10% van het hout dat wij gebruiken, komt uit tropische bossen. In een aantal landen wordt te weinig gedaan om al het bos dat verdwijnt, te vervangen door nieuwe aanplant. Met als gevolg: ontbossing. Landen waar Nederland zijn tropisch hout vandaan haalt, zoals Maleisië, Indonesië, Kameroen en Gabon, zijn al een heel eind op weg naar goed bosbeheer. Maar dat gaat niet van de ene op de andere dag.
Veel mensen vinden dat Nederland helemaal geen tropisch hout mag gebruiken voordat de tropische landen hun bosbeheer voor 100% op orde hebben. Want, zo menen ze, dan hoeft er niet meer gekapt te worden en blijft het tropische woud in stand.

Dat er heel veel andere oorzaken van de ontbossing zijn wordt vaak vergeten. Slechts 8% van al het gekapte tropisch hout wordt geëxporteerd. Van al het geëxporteerde hout neemt Nederland maar 4% af! Dat is dus slechts 0,32% van het totaal aan tropisch hout dat jaarlijks gekapt wordt.
Maar hoe klein het aandeel van de houtexport ook is, de mensen in die landen hebben de opbrengsten hard nodig. Om de armoede te bestrijden en…… om nieuwe bossen te kunnen planten.

Om te bevorderen dat het hout meer en meer komt uit bossen waar gezorgd wordt voor herplant zijn wereldwijd meerdere certificeringsregelingen ontwikkeld voor duurzaam bosbeheer. Certificering van duurzaam bosbeheer en labeling van bosproducten vullen elkaar aan. Bij boscertificering gaat het er om te bevestigen dat het bos beheerd wordt volgens principes van duurzaamheid..Gecertificeerde bosproducten dragen labels die op een navolgbare wijze aantonen dat zij afkomstig zijn uit duurzaam beheerd bos. Met certificering van bosproducten wordt dus de (inter)nationale handel gekoppeld aan het duurzame beheer van de bossen. Gebruikers worden aangespoord enkel producten te kopen van hout uit duurzaam beheerd bos. Het meest bekende certificeringsinitiatief is van de FSC Forest Stewardship Council. Het initiatief hiervoor werd in 1993 genomen door de milieubeweging.
Hoewel in eerste instantie bedoeld voor het tropisch bosbeheer werd het al snel een wereldwijd werkende regeling omdat tropische landen vonden dat het rijke Westen diezelfde duurzaamheidsprincipes ook voor zijn eigen bossen moet toepassen. Vooral Canada, Noord-Scandinavië en Rusland waren het mikpunt.

Omdat de omstandigheden overal ter wereld anders zijn worden de tien FSC duurzaamheidsprincipes voor elk land apart uitgewerkt. Dat is ook in Nederland gebeurd. De Nederlandse FSC regeling die de AVIH mee hielp opstellen, zal in de loop van 2005 door de internationale FSC organisatie in Bonn worden vastgesteld. Een aantal grotere bosbezittingen in Nederland is al FSC gecertificeerd. Het daarvan afkomstige hout kan door AVIH bedrijven die een FSC - chain-of-custody certificaat hebben worden geoogst, vervoerd, verwerkt en verkocht.

In Canada wordt een ISO benadering gevolgd voor de certificering van het bosbeheer. Dat gaat uit van de principes van ISO 14001, de norm voor het Environmental Management System. Deze norm is een algemene industrienorm voor milieuzorg die niet specifiek genoeg was voor het bosbeheer. Daarom is daarvoor speciaal de norm ISO 14061 ontwikkeld. Voor het Canadese bosbeheer is dit de belangrijkste ingang naar certificering van duurzaam bosbeheer.

In Europa werd in 1999 het PEFC 'Pan European Forest Certificate' (inmiddels omgezet naar ‘Program for the Endorsement of Forest Certification Schemes’) geïntroduceerd door vertegenwoordigers van boseigenaren en houtindustrie.
Net als FSC is het een overkoepelende structuur waarbinnen boscertificeringsystemen elkaar kunnen erkennen. Het is gebaseerd op de zes Europese criteria voor duurzaam bosbeheer, goedgekeurd door de Ministeriële conferentie van Helsinki 1993 en verder uitgewerkt met praktijkrichtlijnen op de conferentie van Lissabon in 1998.
De deelnemende landen of regio's kunnen hun eigen certificeringsystemen uitwerken en tezelfdertijd de PEFC-criteria voor duurzaam bosbeheer onderschrijven. De niet-industriële privé-boseigenaren steunen dit systeem omdat FSC moeilijk toepasbaar blijft in een versnipperde boseigendomstructuur die zo typisch is voor grote delen van Europa. Daardoor maakt PEFC een grote kans een zeer belangrijk kanaal te worden waarlangs gecertificeerde houtproducten op de (Europese) markt worden aangeboden.
Het Finse, Noorse en Zweedse boscertificeringsysteem is getoetst op zijn conformiteit met de PEFC-regels, alledrie met positief resultaat. De Scandinavische bedrijven die over een chain-of-custody certificering beschikken, kunnen nu bosproducten op de markt brengen onder het PEFC-logo.


LET OP: Duurzaam bosbeheer levert geen duurzaam hout.

Hoe duurzaam het bosbeheer ook moge zijn, het betekent niet dat het hout daarmee van een duurzame kwaliteit is. Het begrip duurzaam zegt alleen iets over de ecologische kwaliteit van het bosbeheer en niets over de houtkwaliteit. Ook vuren en grenen hout kunnen dus afkomstig zijn uit gecertificeerd duurzaam beheerd bos. Dat deze houtsoorten van zichzelf niet duurzaam zijn is algemeen bekend. Pas na een verduurzamende behandeling kunnen ze ook langdurig buiten worden gebruikt. Duurzaam bosbeheer plus verduurzaming is daar de echte invulling voor duurzaam houtgebruik.




© 2012 - AVIH

Algemene Vereniging Inlands Hout | AVIH
Kokermolen 11
3994 DG Houten

Postbus 186
3990 DD  Houten
Telefoon :
Fax :
E-mail :
Internet :
KvK nr.:
030 - 693 00 40
030 - 692 50 45
info@avih.nl
www.avih.nl
40121781